1 geschiedenis vollersgracht 7
De geschiedenis van Vollersgracht 7, (vroeger: Wijk 6, nr 710), kadastraal bekend: Sectie H, nummer 1266

De geschiedenis van Vollersgracht 7, (vroeger: Wijk 6, nr 710), kadastraal bekend: Sectie H, nummer 1266 De volgende eigenaren zijn bekend:
tot 1816 Jan Schuurman
1934-1941.1 Helena van der Reek
1934-1941.2 Abraham Hollebeek
Abraham en Maria Jacoba Hollebeek
1934-1941.1 Johannes Petrus Josephus de Bolster
1934-1941.2 Josua de Sauvager
1934-1941.3 Jacob Timmermans
1934-1941.4 Johannes Josias van Waalwijk

In april 1920 wordt het huis in een openbare veiling verkocht. De boven- en de beneden etage zijn apart verhuurd.
In september 1925 wordt het weer in de veiling verkocht. De bovenwoning is verhuurd. De benedenwoning is in eigen gebruik.
In januari 1954 verwisselt het pand van eigenaar, ook weer na verkoop in een openbare veiling. Het huis wordt nog steeds in twee gedeelten verhuurd.

De oudste gegevens over de bewoners zijn van de volkstelling van 1818. Daar wordt de naam Scheen vermeld. Het huis wordt bewoond door twee volwassenen en drie kinderen.
Tijdens de Volkstelling van 1829 wordt het huis bewoond door twee gezinnen. Het eerste gezin is van Elisabeth den Os, weduwe van Johannes Lepelaar, werkster, 60 jaar, (geb. 08-09-1771) en haar zoon Abraham Lepelaar, kaartenzetter, 17 jaar, (geb. 15-03-1812, overl. 14-09-1832).
Het andere gezin is van Reinier van der Heijden, sjouwer, 33 jaar en zijn vrouw Quirina van den Heuvel, 34 jaar. Ze hebben drie kinderen:
Jacobus, 4 jaar
Maria, 3 jaar
Helena, 1 jaar
Bij de volkstelling van 1839 woont er een ander gezin: Jacob Duchatel, beddenmaker, 32 jaar, en zijn vrouw (naam onleesbaar) van 32 jaar. Ze hebben een kind van 3 jaar: Wilhelm Frederik.

De volkstelling van 1846 vermeldt het volgende gezin: Gerrit van Dam, sjouwer, 50 jaar (geb. 12-04-1796) en Katharina Plasmeijer, 50 jaar (geb. 28-05-1796). Er zijn zeven kinderen:
Maria, 27 jaar, (geb. 18-11-1819)
Cornelia, 22 jaar, (geb. 16-09-1824)
Jan, 20 jaar (geb. 14-08-1826)
Dirk, 18 jaar. (geb. 06-07-1828)
Frans, 16 jaar (geb. 18-02-1830)
Sara, 10 jaar (geb. 28-05-1836)
Masje, 8 jaar (geb. 23-08-1838)

In 1849 woont er maar een gezin. Het is van W. Heus, sjouwer, 43 jaar. Er zijn twee kinderen, van 10 en 14 jaar. Daar in huis wonen ook nog: C. Martijn, 48 jaar en M. de Larie, 18 jaar.

In het bevolkingsregister van 1860-1870 staan twee gezinnen vermeld, die daar waarschijnlijk na elkaar hebben gewoond. Het eerste gezin is van Dirk Hendrik Couvee, broodbakker, 50 jaar, (geb. 30-11-1809) en zijn vrouw Christina Fupke, 44 jaar, (geb. 10-07-1815). Ze hebben vier kinderen:
Jan Hendrik, 16 jaar, (geb. 29-07-1843)
Dirk Hendrik, 14 jaar, (geb. 20-12-1845)
Anna Margaretha, 11 jaar, (geb. 13-10-1848)
Catharina Christina, 2 jaar, (geb. 24-10-1857)
Het volgende gezin is van Johannes Jacobus Genet, oppasser, (geb. 19-10-1827) en zijn vrouw Sara Ellens, (geb. 26-09-1827). Ze hebben 7 kinderen. Een aantal daarvan worden in dit huis geboren. Vier kinderen overlijden. Gezien de geboortedata van de kinderen blijft het laatste gezin hier zeker tot 1968 wonen.
Jeanette, (geb. 07-..-1851)
Maria Johanna, (geb. 05-01-1856)
Hendrika, (geb. 08-05-1861, overl. 12-02-1863)
Johannes Jacobus, (geb. 23-09-1859, overl. 15-06-1864)
Theodorus Salomonis, (geb. 11-12-1862)
Jacoba Hendrika, (geb. 19-07-1867, overl. 21-07-1867)
Jean Jacques, (geb. 17-08-1868, overl. 05-10-1868)

In het bevolkingsregister van 1870 staan de volgende namen vermeld:
Coenraad Carel Noll, winkelbediende, 44 jaar (geb. 17-05-1826) en Engeltje Johanna Sluijmers, 40 jaar (geb. 25-07-1830). Ze hebben vier kinderen, waaronder een tweeling:
Emmerentia, 8 jaar (geb. 20-12-1862)
Catharina Cornelia, 8 jaar (geb. 20-12-1862)
Cornelis Johannes, 5 jaar (geb. 19-11-1865)
Gerardus Nicolaas, 2 jaar (geb. 20-07-1868)
Bij hen in wonen nog: Adriana Sluijmers, 73 jaar (geb. 10-10-1797) en haar dochter Maria Engelina Noll, (geb. 11-03-1871).

Het bevolkingsregister van 1870 vermeldt maar een gezin: Coenraad Carel Noll, winkelier, 43 jaar (geb. 17-05-1826) en Engeltje Johanna Huijmer, 39 jaar, (geb. 25-07-1830). Ze hebben drie kinderen:
Gerardus Nicolaas, 9 jaar, (geb. 20-07-1860)
Emm...tra Catharina Cornelia, 7 jaar, (geb. 20-12-1862)
Emmerentia, 8 jaar, (geb. 20-12-1862)
Catharina Cornelia, 8 jaar, (geb. 20-12-1862)
Cornelis Johannes, 4 jaar, (geb. 19-11-1865)
Daarna wordt nog geboren:
Johannes, (geb. 30-05-1874)

Gegevens van de periode 1880-1890 zijn er niet. Gezien de bouwstijl is het waarschijnlijk dat het huis in die periode is herbouwd.
In 1890 wordt het weer dubbel bewoond. Hieronder volgen eerst de bewoners van wat waarschijnlijk de woning op de begane grond is.
Begin 1890 wonen hier Paulus Verwer, koetsier, 25 jaar (geb. 13-12-1864), zijn vrouw Johanna Paat, 22 jaar (geb. 19-06-1867) en hun zoontje Paulus, 1 maand, (geb. 27-11-1889). Op 31 januari 1891 vertrekken ze.
Op 1 augustus 1891 zijn er nieuwe bewoners: Petrus Christoffel Waasdorp, meubelmaker, 36 jaar (geb. 20-04-1855) en zijn vrouw Paulina Clasina Petra Schuts, 35 jaar (geb. 07-05-1856). Ze hebben twee kinderen:
Anna Hendrika, 12 jaar (geb. 25-04-1879)
Catharina Petronella, 10 jaar (geb. 01-12-1880)
Daarna worden nog geboren:
Elisabeth Paulina, (geb. 14-09-1883)
Antonius Christoffel, (geb. 28-06-1888)
Christoffel, (geb. 20-09-1891)
Bij hen in huis woont een zuster van Paulina Schuts: Jacoba Hendrika Schuts, dienstbode, 29 jaar (geb. 06-12-1861). Het gezin van Petrus Christoffel Waasdorp vertrekt op 8 april 1893.
De nieuwe bewoners zijn er op 27 mei 1893. Het zijn Willem Carel Robert, koetsier, 28 jaar (geb. 22-09-1864) en zijn vrouw Maria Marga van der Brom, 27 jaar (geb. 14-05-1866). Ze hebben drie kinderen:
Carel Willem, 7 jaar (geb. 17-04-1886)
Adrianus, 5 jaar (geb. 14-01-1888)
Willem Carel, 1 jaar (geb. 02-01-1892)
Daarna worden nog geboren:
Maria Bernardina, (geb. 13-07-1893)
Bernardina Carolina, (geb. 02-02-1895)
Het gezin van Willem Carel Robert blijft tot 10 januari 1896.
De nieuwe bewoners staan ingeschreven per 3 januari 1896. Het zijn Johannes Albertus de Neef, broodbakker, 23 jaar (geb. 07-05-1872), zijn vrouw Elisabeth Johanna Hennik, 23 jaar (geb. 23-08-1872) en hun zoontje van bijna twee: Albertus, (geb. 24-04-1894). Ze vertrekken op 18 mei 1896.
Op 28 mei 1896 zijn er nieuwe bewoners: Abraham Smit, verver, 29 jaar (geb. 19-05-1867) en zijn vrouw Helena Thiel, 26 jaar (geb. 24-11-1869). Ze hebben vier kinderen:
Petra Marga, 5 jaar, (geb. 7-01-1890)
Helena Catharina, 4 jaar (geb. 02-03-1892)
Wilhelmina Sophia, 2 jaar (geb. 06-09-1893)
Abraham, 1 jaar (geb. 15-03-1895)
Bij hen in woont de moeder van Helena Thiel: Magaretha Leget, wed. Smit, 70 jaar (geb. 12-11-1825).
Op 17 juni 1896 wordt een vijfde kind geboren: Elisabeth.
Het gezin van Willem Robert blijft tot 20 mei 1897.
Op 24 juli 1897 komen Johannes Braggaar, zilversmid, 21 jaar (geb. 06-04-1876) zijn vrouw Jannetje van Leeuwen, 21 jaar (geb. 07-03-1876). Op 28 augustus 1897 krijgen ze hun eerste kind: Anna. Ze vertrekken op 28 februari 1898.
Op 3 maart 1998 komen de nieuwe bewoners: Jacobus Johannes Gout, telefoonbeambte, 31 jaar (geb. 08-04-1867) en zijn vrouw Catharina van Koperen, 24 jaar (geb. 22-06-1873). Ze hebben drie kinderen:
Wilhelmin, 4 jaar (geb. 01-01-1894)
Arie, 2 jaar (geb. 22-05-1895)
Cornelis Hermanus, 9 maanden, (geb. 10-06-1897)
Het gezin van Jacobus Gout blijft tot 31 oktober 1899.
De nieuwe bewoners staan ingeschreven per 18 september 1899. Het zijn Albertus de Neef, meubelmaker, 22 jaar (geb. 19-11-1876) en Jannetje Leugering, 20 jaar (geb. 09-01-1879). Het gezin van Albertus de Neef vertrekt op 1 april 1901.
Nu komen er twee gezinnen tegelijk wonen:
Op 24 april 1901 komen Hendricus Hugo Bernardus Kuiters, scheepsbouwer, 21 jaar (geb. 17-05-1879) en Helena Delmeer, 26 jaar (geb. 15-12-1874). Dit stel vertrekt al na twee maanden, op 15 juli 1901.
Op 15 juli 1901 komt het gezin van Adrianus Pieter Gouwetak, nettenbouwer, 55 jaar (geb. 23-06-1846) en Gijsje Bovenkamp, 56 jaar (geb. 21-05-1845). Ze hebben twee kinderen:
Jan, wolspinner, 20 jaar (geb. 17-03-1881)
Adrianus Pieter, boekdrukker, 17 jaar (geb. 29-08-1883)
Waarschijnlijk vertrekt het gezin Gouwetak in de loop van 1903.
Er komen dan twee klein gezinnen, min of meer tegelijkertijd: Per 29 augustus 1903 staan ingeschreven: Pieter Lagas, broodbakker, 25 jaar (geb. 20-08-1878) en zijn vrouw Maria Christina Nachtegeller, 24 jaar (geb. 19-02-1879). Ze vertrekken op 28 januari 1904.
Op 27 september 1903 komt het gezin van Johannes Petrus Stephanus Jasperse, 23 jaar (geb. 05-11-1879) en zijn vrouw Marie Agathe Verbrugge, 22 jaar (geb. 22-07-1881). Ze krijgen op 26-02-1904 een kind: Marie Agathe. Ze vertrekken op 19 april 1904.
Op dezelfde dag (19 april 1904) komen Alida Sara Maria van der Kaai, 35 jaar (geb. 02-01-1869). Haar echtgenoot G.J. Verschagen is in militaire dienst. Ze heeft een pleegkind in huis: Teuntje Scheffer, 14 jaar (geb. 12-04-1990). Ze vertrekken op 22 november 1904.
Op 4 januari 1905 komen Theodorus Bakker, 42 jaar (geb. 01-04-1862) en zijn vrouw Hendrika van Gijzen, 31 jaar (geb. 22-09-1874). Hendrika van Gijzen vertrekt op 28 juli 1905 naar Voorschoren. Theodorus Bakker blijft tot 5 februari 1906.
De volgende bewoners komen op 13 februari 1906. Het zijn Abraham Crama, koetsier, 34 jaar (geb. 01-02-1972) en zijn vrouw Wilhelmina de Graaf, 27 jaar (geb. 21-09-1878). Ze vertrekken op 2 april 1908.
Op 3 juni 1908 komen Gerrit Elkerbout, boekdrukker, 26 jaar (geb. 23-09-1882) en zijn vrouw Geertruida van Leeuwen, 26 jaar (geb. 11-11-1881).

Op 5 oktober 1908 komt het gezin van Johannes Cornelis van Dorp, los werkman, 51 jaar (geb. 02-12-1856) en zijn vrouw Johanna Warmerdam, 49 jaar (geb. 23-01-1859). Ze hebben zeven kinderen:
Adrianus Gerardus, 19 jaar (geb. 13-06-1889)
Cornelia Wilhelmina, 15 jaar (geb. 07-12-1892)
Maria Francisca, 14 jaar (geb. 02-01-1894)
Cornelis Wilhelmus, 12 jaar (geb. 26-06-1896)
Franciscus Johannes, 10 jaar (geb. 21-09-1898)
Johannes Adrianus, 7 jaar (geb. 31-10-1901)
Op 1 januari 1910 trekt de oudste dochter bij hen in:
Sophia Helena, 19 jaar (geb. 26-06-1890)
Het gezin van Van Dorp vertrekt op 4 april 1910.
Het bevolkingsregister is niet compleet. In het adresboek staat voor de periode 1911-1912: J. Hansen.
Op 17 juni 1913 komen Johannes Theodorus Bousie, koetsier, 23 jaar (geb. 10-05-1890) en zijn vrouw Adriana Maria Ooyendijk, 20 jaar (geb. 17-12-1892). Volgens het adresboek blijven ze tot ongeveer 1914.
Op 9 september 1914 komt Jacoba Sampimon, weduwe van H. de Wit. Ze is 55 jaar (geb. 05-01-1859) en ze woont samen met haar zoon Jacobus de Wit, loopknecht, 20 jaar (geb. 22-02-1894). Hij trouwt op 20 januari 1915 met Maria Gijsman, 18 jaar (geb. 21-11-1896). Jacoba Sampimon verhuist op 12 februari 1915. Jacobus de Wit blijft op dit adres wonen met zijn echtgenote. Ze vertrekken op 2 maart 1915.
Volgens het adresboek is de bewoner in 1920: G. Kettenis. Het is niet duidelijk hoe lang hij er dan al woont. Volgens het adresboek zou hij blijven tot ongeveer 1923, maar dat klopt slecht met de volgende gegevens uit het bevolkingsregister. Intussen staat er een bewoonster in het bevolkingsregister. De data van vestiging en vertrek corresponderen niet met elkaar. Het is Lijntje Maria van der Wildt, weduwe van P.P. Metscher, huishoudster, 49 jaar, (geb. 24-02-1872) met haar zoon Hendrik Petrus Metscher, 13 jaar (geb. 03-12-1907). Ze zouden komen wonen op 30-11-1921 en vertrekken op 15-05-1921.
Op 15 juni 1921 komen Willem van Westbroek, huisschilder, 27 jaar (geb. 28-01-1894) en zijn vrouw Dientje van der Voort, 22 jaar (geb. 04-11-1899). Ze krijgen op 2 januari 1822 een dochter: Cornelia Dientje. Op 17 januari 1923 vertrekken ze naar Vollersgracht 8.
Op 8 juli 1923 komen Joseph Pauw, steenhouwer, 21 jaar (geb. 09-02-1902), zijn vrouw Adriana Maria Reijken, 20 jaar, (geb. 09-08-1902) en hun dochter Theodora Jacoba Elisabeth, 1 jaar (geb. 23-07-1922). Ze hebben inwoning van Cornelis Adrianus Bink, 35 jaar (geb. 06-12-1887). Het is niet bekend deze bewoners blijven.

In het adressenboek staan de volgende namen:
1934-1941 L. Pret
1934-1942 D. Gulij
1931-1932 W. Beij
1934-1938 Mej. W. Tisseur
1934-1941 Wed. A. van der Putten-Pfeiffer
In (een gedeelte van) de periode dat de familie De Tombe op Vollersgracht 2a woont (1973-1953), zit op dit adres Oma Harteveld, grootmoeder van de kinderen De Tombe.
1940-1955 Van der Blom

De ‘bovenwoning’
Uit het bevolkingsregister blijkt dat het huis vaak dubbel werd bewoond, maar het is niet duidelijk wie de boven- dan wel de benedenwoning in gebruik hadden. De volgende gegevens beginnen bij 1 januari 1890 en moeten betrekking hebben op het andere deel van de woning. Als bewoners staan dan vermeld:
Machiel Gans, kleermaker, 46 jaar, (geb. 02-05-1844), en zijn vrouw Frederika Maria Bonnet, 51 jaar (geb. 15-01-1839). Ze hebben een zoon: Machiel, loopknecht, 17 jaar (geb. 28-10-1873).
Bij hen in huis wonen:
Willem Hendrik Dirk Duk, kleermaker, 14 jaar (geb. 05-01-1976)
Willem Frederik, behanger, 13 jaar, (geb. 25-06-1877)
Het gezin van Machiel Gans vertrekt op 4 februari 1890.
Op 11 maart 1890 komt Petronella van Pijlen, 16 jaar, (geb. 11-5-1974). Hoelang zij blijft is niet bekend.
Op 23 juli 1890 komt het gezin van Louis Aart Beijer, 63 jaar (geb. 30-06-1827) en zijn vrouw Gijsberta Petronella Uleveld, 36 jaar, (geb. 20-01-1827). Ze hebben twee kinderen:
Willem Frederik Hendrik, 28 jaar (geb. 17-02-1862)
Petronella Cornelia, 18 jaar, (geb. 20-11-1871)
Op 4 oktober 1890 komt de oudste zoon van het gezin inwonen: Willem Frederik Hendrik, 28 jaar (geb. 17-02-1862). Petronella Cornelia vertrekt op 7 november 1890.
Louis Aart Beijer overlijdt op 16 maart 1891 op de leeftijd van 63 jaar.
De overgebleven gezinsleden verhuizen op 17 augustus 1891.
Op 21 juni 1891 komt het gezin van Petrus van Pijlen, koopman, 47 jaar (geb. 29-03-1844), en zijn vrouw Pietje Tinga, 49 jaar (geb. 11-06-1842). Ze hebben drie kinderen:
Catharina, 19 jaar (geb. 11-04-1872)
Adrianus, 8 jaar (geb. 15-06-1883)
Derk, 5 jaar (geb. 23-11-1886)
Op 20 februari 1892 komt Hanke Pronke, 32 jaar (geb. 05-06-1959). Het gezin van Petrus van Pijlen zit er dan nog. Zij vertrekken op 27 december 1892. Het is niet bekend hoelang Hanke Pronke blijft.
Op 27 december 1892 komt weduwe Francisca Catharina Dingjan, 29 jaar (geb. 13-02-1863) met haar dochter Maria Petronella Vuurpijl, 1 jaar (geb. 13-02-1891) en haar moeder Johanna Elisabeth Lagerberg, weduwe Dingjan, 55 jaar (geb. 29-10-1836). Francisca Catharina Dingjan met haar familie vertrekt op 19 mei 1893.
Op 15 oktober 1893 komen Jacobus Johannes Gout, telefoonbeambte, 26 jaar (geb. 08-04-1967) en zijn vrouw Catharina van Koperen, 20 jaar (geb. 22-06-1873). Ze krijgen op 1 januari 1894 een dochter: Wilhemina. Ze vertrekken op 2 november naar Vollersgracht 12. Later wonen ze weer een poosje op Vollersgracht 7.
Vanaf 30 november 1894 wordt het huis bewoond door Albertus de Neef, smid, 52 jaar (geb. 01-12-1841) en zijn vrouw Johanna de Gruijter, 49 jaar, (geb. 17-08-1845). Ze hebben vier kinderen:
Albertus, meubelmaker, 18 jaar, (geb. 19-11-1876)
Willem Cornelis, 14 jaar, (geb. 12-01-1979)
Nicolaas, 12 jaar, (geb. 23-10-1882)
Jacobus, kleermaker, 20 jaar (geb. 03-10-1874)
Het gezin van Albertus de Neef vertrekt op 18 september 1899
Op 1 januari 1900 komt het gezin van Johannes van der Blom, gasfitter, 30 jaar (geb. 06-06-1869), zijn vrouw Johanna Zwaan, 30 jaar (geb. 19-12-1869) en vier kinderen:
Willem Fredrik, 8 jaar (geb. 27-07-1891)
Maria, 6 jaar, (geb. 13-10-1893)
Johannes, 3 jaar, (geb. 05-07-1896)
Daarna word nog geboren:
Johanna, (geb. 04-07-1900)
Het gezin van Johannes van der Blom is uitgeschreven per 10 april 1901.
Op 3 april 1901 zijn er nieuwe bewoners: Cornelis van den Oever, timmerman, 21 jaar (geb. 17-05-1879) jaar en zijn vrouw Johanna Jacoba van Koperen, 26 jaar (geb. 15-12-1874).
Op 17 mei 1903 krijgen Cornelis van den Oever en Johanna van Koperen hun eerste kind: Amerik Cornelis.
Het gezin van Cornelis van den Oever vertrekt op 1 augustus 1903.
Op 18 augustus 1903 komen Carel Egbert la Lau, huisschilder, 62 jaar (geb. 07-06-1841) en Gonda Wolters, 53 jaar (geb. 13-07-1850). Ze hebben twee kinderen.
Jacobus Johannes, 14 jaar (geb. 25-01-1889)
Jacobus Johannes, 10 jaar (geb. 26-06-1890)
Daarna wordt nog geboren:
Dina Geertruida, (geb. 03-09-1893)
Vanaf 12 februari 1906 heeft het gezin inwoning van Anna Maria la Lau, 25 jaar (geb. 13-08-188). Ze trouwt op 18 april 1906.
Carel Egbert la Lau overlijdt op 1 mei 1906. Het is niet bekend hoelang de rest van het gezin blijft.
Op 8 augustus 1907 wordt het huis bewoond door Johannes Antonius Duffels, steenbakker, 32 jaar (geb. 19-09-1875) en Adriana Mieremet, 28 jaar (geb. 31-03-1879). Ze hebben vier kinderen:
Johannes Antonius, 7 jaar, (geb. 16-07-1900)
Neeltje Adriana, 4 jaar, (geb. 15-09-1902)
Marinus Johannes, 3 jaar (geb. 14-08-1904)
Adrianus Hendrikus, 2 maanden, (geb. 01-06-1907)
Het gezin van Duffels vertrekt op 21 september 1908.
Het bevolkingsregister vertoont hiaten. In de adresboeken staan nog de volgende namen vermeld:
1911-1912 H. Kramp
1914-1926 H.G. Arends

Het bevolkingsregister vermeldt nog:
Op 19 september 1823 wordt het huis bewoond door Hendrika Boelee, weduwe van A. Paauw, 23 jaar (geb. 04-10-1900) en haar twee kinderen:
Catharina, 3 jaar (geb. 23-08-1920)
Andries, 2 jaar (geb. 05-10-1921)

Adresboek: 1931-1941 J. van Meijgaarden
1954-1955 J. van der Walle

Tot 1961 is Vollersgracht 7 een woonhuis. In maart 1961 dient A. de Wit, Oude Vest 111, een bouwplan in waarbij Vollersgracht 7 en 9 worden samengevoegd. Het geheel wordt bedrijfsruimte. Vollersgracht 7 krijgt op de begane dezelfde garagedeuren als nummer 9 nu nog steeds heeft. Op de eerste etage van nummer 7 komen eveneens deuren. Die eerste etage is bestemd voor berging. De zolderetage van nummer 7 wordt niet gebruikt.
Op de begane grond heeft De Wit een werkplaats, waar je regelmatig de vonkenregens van de slijpmachines kunt zien.

In 1968 verbouwt De Wit de panden Vollersgracht 5 en 7 tot kamerbewonershuis. De eerste etage van nummer 7 krijgt weer ramen en hij wordt toegankelijk gemaakt vanaf het pand nummer 5. De zolderetage van nummer 7 wordt niet gebruikt.

Als ik in 1978 aan de Vollersgracht kom wonen zijn de panden 5 en 7 nog aan elkaar gekoppeld. Op de begane grond van nummer 7 is een garage die alleen vanaf de straat bereikbaar is. Bram de Wit van Oude Vest 111 zet daar zijn auto en het is tevens zijn werkplaats. Het dak verkeert in matige staat. De pannen zijn ooit eens vervangen door asfaltbitumen. Eind jaren negentig verkoopt De Wit de panden 5 en 7. De nieuwe eigenaar (uitbater van restaurant Michel aan de Apothekersdijk), knapt het casco van nummer 7 opgeknapt en biedt het apart te koop aan. In de tijd dat het leeg staat gebruikt Eddy Bon de garage een tijdje. Het huis wordt in 2002 verkocht aan Marjolein Haller en haar vriend Ronald Chaudron. Zij komen uit de Koddesteeg. Ze verbouwen het huis grondig. Het krijgt weer een voordeur en ramen op de begane grond.
Marjolein en Ronald zijn grafisch ontwerpers. Ze hebben op de begane grond hun studio. Het is een kleine ruimte, maar ze daar hebben ze genoeg aan. Ze doen alles op de computer.
Marjolein boekt succes met haar uitvinding. Het is een spinnenvanger. Die bestaat uit niet meer dan een kolf met een steel. Je zet de kolf over een insect. Door de steel te draaien, kun je de bodem sluiten. Ze probeert eerst om het ding te slijten bij grootwinkelbedrijven zoals Blokker. Die hebben geen interesse. Dan neemt ze hem zelf in productie. Ze verkoopt hem via internet, maar omdat veel mensen hem graag zelf willen ophalen, begint ze met verkoop aan huis. Dan krijgen ze alsnog ruimteproblemen, want er is vrijwel geen plaats voor opslag. Dat is de aanleiding om te verhuizen. Zie ook:
http://www.luxebugaway.com/
Ronald en Marjolijn kopen een huis aan de Leidseweg in Voorschoten, tegenover het tuincentrum. 30 juni 2005 verhuizen ze.
De nieuwe bewoner is Hans Laroes.